Instant Loneliness

 

Stel
U kon terugreizen naar uw kindertijd
Wat zou u tegen dat kind zeggen?
Daar, op dat schoolplein, op dat betonnen bankje.
Wat zou u zeggen?
Wat zou het terugzeggen?
Wanneer werd u volwassen?
Wanneer verliet u de magische wereld?
Wanneer besloot u:
Dit
Dit is het?
De naakte waarheid.
En iedereen die dat ontkent, leeft in een absurde illusie.


Is er moed voor nodig om leegte te kunnen dragen?
Wie heeft nog de moed om moedeloos te zijn?
Is het mogelijk om van een ònvervuld leven te genieten?

Hoe verdraag ik de leegte?
Kan de ander mijn leegte verzachten?
Is gedeelde smart wel halve smart?
Moet smart überhaupt wel worden verzacht?
Moeten we dat niet beter leren verduren?
Waarom moet iedere òneffenheid weggemoffeld, gladgestreken.
Waar is de saaiheid?
De stilte.
Het verval.
De beproeving.
De catastrofe zonder reddingsplan.
Hoe bevrijd ik mij uit die dwangbuis steeds maar optimistisch en gezegend te moeten zijn?

Himmelhoch jauchzend, zu Tode betrübt.

Glücklich allein ist die Seele die liebt!

Ik sta tot over mijn enkels in een stad van duizenden mogelijkheden.
En waar staat u?
In het midden?
Aan de rand?
Wat vindt u? Wat denkt u?

Sta me toe u enkele vragen te stellen.
Bent u een man? Een vrouw?
Heeft u op weg hierheen de zijwind over uw gezicht voelen strijken?
Kijkt u mensen wel eens aan op straat?
Moet u wel eens om mensen lachen? Of vermijd u liever elk oogcontact?
Kijkt u meer naar mannen of naar vrouwen?

Zeg me, waarom bent u hier?
Wat zoekt u?
Zoekt u wel iets?
Wat is dat iets?
Of bent u hier tegen uw wil?
Bent u meegesleept door die en diegene?
Of bent u alleen?

Sta me toe deze impertinente vragen te stellen
Staat u me toe, mij tot u te verhouden,
opdat wij wellicht vrienden kunnen zijn
Of minnaars, Of vijanden, zo u dat wenst.

Waar komt u vandaan?
Heeft u net als ik vanmiddag boodschappen gedaan in een supermarkt?
En hebben we dat in dezelfde supermarkt gedaan?
En zijn wij aan elkaar voorbij gegaan, zonder op te kijken, zonder elkaar aan te raken?
Waar was u vanmiddag toen ik op zoek naar u was?
Omdat mijn band lek was en ik u nodig had.
U die mij een lift aanbood, een paraplu tegen de regen?

Praten is besmettelijk stond vanochtend in de krant.
Waarom sprak u dan niet?
Waarom sprak ik dan niet?
Is zwijgen soms besmettelijk?

si mis ojos tampoco hablan por ti
si mi olor te es extraño
mis gestos te confunden
si te quedas pero no entiendo porque
¿quiénes somos entonces?
sin extraños? 

¿Me entiendes?
mis palabras
mis gestos
mis ojos
mi olor
mi comida
mi música
estoy solo
solo
solo
solamente
solamente
solitario 

el mundo solitario
ese es mi mundo
quieres ver mi mundo?
sentir mi mundo?
el frío
el viento
el calor
El hambre
hambre de piel
mi piel
mi piel esta buscando tu piel
yo muero
una muerte solitaria
pero mi vida es mas solitaria 

No soy necesario
necesario
demasiado
no deseado
involuntariamente
involuntariamente
desconocido
y usted?
eres necesario
eres importante
¿indispensable? 

Stel ik kon uw hersenen binnendringen, wie tref ik daar aan?
Een kolkende massa waanzin?
Een evenwichtig mens?

Wanneer voelde u zich echt gelukkig?
Een gelukzalig moment… welk moment zou u kiezen?

Wanneer heeft u zich voor het laatst verlaten gevoeld?

Heeft er toen iemand naar u geluisterd?
Wanneer heeft U voor het laatst ècht naar iemand geluisterd?
En iemand aangeraakt?

Wie is de vreemde?
Wie is de vreemde in u?
Wie bent u, achter wie u schuilgaat?

Hoe gaat u om met tegenslag?
Met ziekte? Verlies? Nederlagen?
Waar bent u bang voor?
De dood? Of gezichtsverlies?
Hoe beheerst u uw woede ?
Draagt u het ondraaglijke?
Hoe wordt u het liefst getroost ?
Of,  wordt u het liefst met rust gelaten?
Verlangt u juist geen arm om u heen, maar verkiest u liever een vacuüm
waarin u uzelf relativeert?

Zeg me
Vindt u uzelf een liefdevol mens?
Bent u liefde waard?

Met welke lenzen kijkt u naar de wereld?
Met welke lens kijkt u naar uzelf?
Wanneer heeft u die lenzen opgezet?
Of heeft u die gekregen?
Van wie?

Waar bent u?
De u die ik zoek.
Die ik nooit tegenkom.
Zat u net als ik vanochtend in de trein?
Zat u tegenover mij?
Een forens met stof op zijn schoenen?
Verdween u net als ik in de kosmos van uw tablet?

Wat trof u daar aan?
Vriendschappen?
Triomfen?
Een leven waar u trots op kan zijn?